47 Toen hij hoorde dat Jezus uit Judea naar Galilea was gekomen, ging hij naar Hem toe en smeekte Hem om met hem mee te gaan en zijn zoon te genezen, want die lag op sterven. 48 Jezus zei tegen hem: Als jullie geen tekenen en wonderen zien, zullen jullie beslist niet geloven. 49 De hoveling zei tegen Hem: Heer, kom toch, voordat mijn kind sterft.