2 Toen riepen de twaalf de menigte van de leerlingen bij zich en zeiden: Het is niet goed dat wij het woord van God verwaarlozen om aan de tafels te dienen. 3 Kies daarom, broeders, uit uw midden zeven mannen met een goede naam, vol van de Geest en van wijsheid, die wij over deze taak zullen aanstellen. 4 Maar wij zullen ons blijven wijden aan het gebed en aan de bediening van het woord.