1 Na dit alles wees de Heer nog zeventig anderen aan en stuurde hen twee aan twee voor zich uit naar elke stad en plaats waar Hij zelf zou komen. 2 En Hij zei tegen hen: De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig; vraag daarom de Heer van de oogst of Hij arbeiders wil sturen om op Zijn akker te werken. 3 Ga op weg; zie, Ik stuur jullie als lammeren midden tussen de wolven.