11 Nu was er op de berghelling een grote kudde varkens die aan het grazen was. 12 En zij smeekten Hem: Stuur ons naar de varkens, zodat wij in hen kunnen gaan. 13 En Hij stond het hun toe. En de onreine geesten gingen uit en gingen in de varkens; en de hele kudde stortte zich van de steile helling in zee, ongeveer tweeduizend, en zij verdronken in de zee.