19 Na lange tijd kwam de heer van die knechten terug en rekende met hen af. 20 Degene die de vijf talenten ontvangen had, kwam terug en bracht nog vijf talenten en zei: Heer, u gaf mij vijf talenten; zie, ik heb er nog vijf bij gekregen. 21 Zijn heer zei tegen hem: Goed gedaan, goede en trouwe dienaar; u bent trouw geweest met weinig, ik zal u over veel plaatsen; ga in de vreugde van uw heer. 22 Ook degene die de twee talenten ontvangen had, kwam en zei: Heer, u gaf mij twee talenten; zie, ik heb er nog twee bij gekregen. 23 Zijn heer zei tegen hem: Goed gedaan, goede en trouwe dienaar; u bent trouw geweest met weinig, ik zal u over veel plaatsen; ga in de vreugde van uw heer. 24 Ook degene die het ene talent ontvangen had, kwam en zei: Heer, ik wist dat u een strenge man bent, die oogst waar u niet gezaaid hebt en bijeenbrengt waar u niet uitgezaaid hebt; 25 en ik was bang, ging weg en verborg uw talent in de grond; zie, hier hebt u het terug.