8 Toen ging Zacheüs staan en zei tegen de Heer: Kijk, Heer, de helft van mijn bezittingen geef ik aan de armen, en als ik van iemand iets afgetroggeld heb, geef ik het vier keer zoveel terug. 9 Jezus zei tegen hem: Vandaag is er redding gekomen in dit huis, want ook hij is een zoon van Abraham. 10 Want de Mensenzoon is gekomen om te zoeken en te redden wat verloren was.