Een knipoog van zijn oog en een draai van zijn hoofd
Lieten me al snel weten dat ik niets hoefde te vrezen.
Hij sprak geen woord, maar ging recht aan het werk,
En vulde alle kousen; toen draaide hij zich snel om,
En met zijn vinger naast zijn neus gelegd
En een knikje gegeven, steeg hij de schoorsteen weer op.